Connect with OKKERSE on Linkedin

Een vrouw bezoekt in verband met plotselinge pijn in haar rug het ziekenhuis. Na onderzoek luidt de conclusie dat zij een bacteriële infectie van een tussenwervelschijf had opgelopen. Zij wordt behandeld met breedspectrum antibiotica, waaronder het middel Gentamicine. De behandeling duurt 6 weken. Aansluitend krijgt de vrouw toenemende last van loopstoornissen, duizelingen, moeheid, rugklachten, hartkloppingen en algehele malaise. Een later onderzoek duidt op Gentamicine ototoxiciteit (vergiftiging van het binnenoor als gevolg van chemische producten), waarvan de schade onomkeerbaar kan zijn. Daarop stelt de vrouw het ziekenhuis aansprakelijk. Kort daarna erkent de beroepsaansprakelijkheid verzekeraar (Medirisk) van het ziekenhuis aansprakelijkheid voor het feit dat onvoldoende rekening is gehouden met de bijwerkingen van Gentamicine. De vrouw ervaart bijzonder veel ongemak van de gevolgen van de behandeling. Zo valt zij regelmatig, onder andere viel zij van de trap waarbij nek, borstkas en pols braken. De vrouw is haar zelfstandigheid kwijt, kan het huishouden niet meer doen, heeft continue zorg en ondersteuning nodig en haar sociale leven is radicaal veranderd. De behandelduur met Gentamicine dient zo kort mogelijk te worden gehouden (7 tot 10 dagen) en niet zes weken. Abusievelijk is bij de vrouw de spiegel van het medicijn niet meermaals gemeten. Bij zorgvuldig handelen zou de kans op evenwichtsstoornissen klein zijn geweest.

In de onderhavige deelgeschilprocedure vordert de vrouw voor recht te verklaren dat haar een bedrag van € 100.000,‐ aan smartengeld toekomt. Zij stelt daartoe dat haar leven, maar ook het leven van haar partner en minderjarige kind, als gevolg van de beroepsfout ingrijpend is veranderd. Medirisk stelt vraagtekens bij de mate van arbeidsongeschiktheid en stelt enige mate van eigen schuld als gevolg van alcoholgebruik (bij de val van de trap). De rechtbank overweegt dat de deelgeschilprocedure is bedoeld ter vereenvoudiging en versnelling van de buitengerechtelijke afhandeling van letsel‐ en overlijdensschade. De te geven beslissing dient bij te dragen aan het tot stand komen van een vaststellingsovereenkomst, zo nodig om een mogelijke impasse te doorbreken. Er is slechts verzocht om de omvang van de smartengeldvergoeding vast te stellen. Deze kan ook worden vastgesteld als tussen partijen nog geen overeenstemming bestaat over de omvang van de beroepsfout. Smartengeld is een naar billijkheid vast te stellen vergoeding voor het niet in vermogensschade bestaande nadeel dat is geleden als gevolg van een gebeurtenis (beroepsfout), waarbij lichamelijk letsel is opgelopen. Rekening moet worden gehouden met de omstandigheden van het geval, waaronder aard, ernst en duur van het letsel, pijn, intensiteit van het verdriet en de gederfde levensvreugde en de gevolgen daarvan voor de betrokkene. De rechter betrekt in zijn oordeel de zwaarte van het voorgaande door deze af te leiden uit min of meer objectieve factoren, de ernst van het te maken verwijt, aard van de aansprakelijkheid en dient daarbij te letten op in vergelijkbare gevallen uitgekeerde schadevergoeding. De Rechtbank neemt in het oordeel mee dat de vrouw met enige regelmaat is gevallen, met botbreuken tot gevolg. Het drinken van enige glazen wijn voorafgaand aan de val van de trap is daarbij niet maatgevend (voor eigen schuld). De Rechtbank sluit aan bij een in de Smartengeldgids opgenomen uitspraak over bijwerking van medicijnen met onomkeerbare schade tot gevolg en kent na weging van de omstandigheden een bedrag toe van € 65.000,‐ en begroot de kosten van de procedure (redelijke en reëel gemaakte kosten) conform opgave op € 6.655,‐

mr. Robert Lonis