Skip to main content

Einde compensatieregeling voor “grote werkgevers”

Bij ziekte van een werknemer is de werkgever verplicht om maximaal 104 weken (een deel van) het loon door te betalen. Na 104 weken ziekte kan de werkgever de werknemer in beginsel ontslaan. Daarbij dient dan wel de wettelijke transitievergoeding aan de werknemer te worden betaald. Voor die transitievergoeding kan de werkgever worden gecompenseerd. Op grond van de Regeling compensatie transitievergoeding kan de werkgever de betaalde transitievergoeding namelijk terugkrijgen. Zo voorkomt de Rijksoverheid dat werkgevers te maken krijgen met een opeenstapeling van kosten na 2 jaar loon doorbetalen aan zieke werknemers. Eind 2025 werd echter een wetsvoorstel ingediend om de compensatieregeling voor werkgevers betreffende de transitievergoeding bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid, te beperken.

Als het wetsvoorstel wordt aangenomen kunnen vanaf 1 juli 2026 alleen nog “kleine werkgevers” (<25 werknemers) een compensatie via het UWV krijgen. De grotere werkgevers zouden dan voortaan geen compensatie meer krijgen voor de betaalde transitievergoeding. Welke werkgevers als “kleine werkgever” kwalificeren zou overigens jaarlijks door de minister moeten worden vastgesteld. De definitieve ingangsdatum is overigens wel nog afhankelijk van goedkeuring door de Tweede en Eerste Kamer. De regeling zou moeten gaan gelden voor transitievergoedingen die na 1 juli 2026 worden betaald. Het is daarom verstandig om nu al in beeld te brengen welke werknemers richting het einde van de 104 wekentermijn gaan, en of een eerdere afrekening van de transitievergoeding wellicht nog vóór 1 juli 2026 mogelijk is. We houden u op de hoogte van de ontwikkelingen.

mr J.M. (Sjakko) van Raaijen

Rechtsgebieden

arbeidsrecht